13 juni 2010

Utrecht tolereert geen kritiek op Berlusconi


Op zondag 9 mei finishte de Giro d'Italia in Utrecht, op de stoep van het hoofdkantoor van wielersponsor Rabobank. In het publiek langs de route stonden op twee plaatsen mensen met spandoeken gericht tegen de Italiaanse premier Sylvio Berlusconi. Politieagenten hebben deze spandoeken in beslag genomen met een verwijzing naar de Algemene Politie Verordening. Die verwijzing was niet terecht, moest burgemeester Wolfsen deze week toegeven in antwoord op vragen van de SP. De APV bood geen grond voor het in beslag nemen van deze spandoeken. Maar verder verdedigt hij het optreden van de politie. Hij schrijft:

Hij (de agent) had moeten uitleggen dat de politie vrees had ..... dat aan de betreffende spandoeken aanstoot zou worden genomen door anderen (w.o. de grote getalen aanwezige Italianen) en dat dit zou kunnen leiden tot openbare ordeverstoringen langs de route, met alle risico’s van dien. Door de agenten is daarop aan de dragers van de spandoeken verzocht deze op te rollen. Toen daaraan niet werd voldaan zijn de spandoeken in beslag genomen. De rechtsgrond hiervoor is het niet voldoen aan een bevel of vordering van een politieagent (art.184 Wetboek van Strafrecht).

Dat niet alleen de openbare orde een rol heeft gespeeld in de afwegingen blijkt uit het antwoord op de vraag welke instructies de agenten vooraf hebben gekregen:

....dat men diende te waken voor gedragingen en uitingen die in zich zelf of door de reactie van anderen daarop aanleiding konden zijn voor wanordelijkheden en daarmee ook voor risicovolle situaties langs of zelfs op het parcours. Daarnaast is in de briefings onder de aandacht gebracht dat vanwege de allure van een dergelijk evenement en de internationale media-aandacht daarvoor een vlekkeloos verloop van de GIRO van groot belang is voor het aanzien van Nederland en de stad Utrecht in het bijzonder.

De klassieke reactie van locale autoriteiten op ongewenste uitingen: je verstoort een feest en onze naam is in het geding. Niet ten onrechte vergelijkt gemeenteraadslid Schipper deze houding met die van de Italiaanse premier zelf, die meermalen is beschuldigd van censuur. Je zou het ook gewoon ouderwets kleinburgerlijk kunnen noemen.

Natuurlijk moet de politie optreden tegen verstoringen van de openbare orde die de veiligheid in het geding brengen. Maar wie moet hierop worden aangesproken? Degenen die gebruik maken van hun recht op vrijheid van meningsuiting, of degenen die dit recht niet respecteren, aanstoot nemen aan een op zich legale uiting en de orde verstoren? Er was op het moment van inbeslagname nog geen sprake van verstoring van de openbare orde. Als iemand aanstoot aan de spandoeken had genomen, had de politie dan niet kunnen zeggen: joh, draai je om, trek je er niets van aan, in dit land hebben we vrijheid van meningsuiting? De politie hoort niet op de uiting zelf te reageren, hoogstens op de gevolgen, voor zover die de openbare orde en de veiligheid aantasten. Zo hoort de instructie van de politie te luiden. Dat vloeit voort uit het feit dat het hier om een grondrecht gaat: locale autoriteiten hebben niet de bevoegdheid om de toepassing van dit recht te interpreteren en een inhoudelijk oordeel te vellen over een uiting (spandoeken, leuzen, tot en met theatervoorstellingen) . Zij mogen beperkingen opleggen als de openbare orde of de veiligheid in het geding is. Maar de politie is er voor handhaving van alle wetten en hoort dus ook de vrijheid van meningsuiting te beschermen.
In het antwoord van de burgemeester spelen mogelijke aanwijzingen voor verstoring van de openbare orde overigens geen rol. Er zou aanstoot genomen kunnen worden.... Hier spreekt een bange burgemeester die een vlekkeloos feest op de buis wil laten zien. De hoeveelheid aandacht van de media geeft de doorslag. De uitingsvrijheid moet maar even wijken.

Dit is de derde affaire waarbij burgemeester Wolfsen in opspraak is gekomen vanwege een beperking van de vrijheid van meningsuiting. Vorig jaar moest hij al spijt betuigen over zijn poging om een artikel over zijn declaratiegedrag uit een huis-aan-huisblad te houden. Afgelopen week kwam hij terug op het eerder uitgevaardigde verbod op straatmuziek. Het lijkt er op dat de burgemeester dit aspect van zijn functie nog niet helemaal onder de knie heeft.

,

Geen opmerkingen: